DRIEMOND LACHT GRAAG
juli 2026
Het hemelsche gerecht
heeft zich ten lange leste
Ontferremet over my, en mijn
Benarde veste
Misschien kent u deze regels. Ze komen uit een heel oud toneelstuk, geschreven door Joost van den Vondel. Het stuk heet Gijsbrecht van Amstel en wordt nog regelmatig op 1 januari gespeeld in de Stadsschouwburg van Amsterdam.
Ooit speelde een kleine toneelclub met het idee om het zelf op het toneel te gaan brengen. Het is er nooit van gekomen. Dat was onze eigen “Toneelgroep Driemond.”
Opgericht in 1973, richtten ze zich vooral op blijspelen en kluchten, want, zoals de titel van dit stukje al zegt: Driemond lacht graag.

In de jaren dat er toch minder vermaak was dan nu, was er echt belangstelling voor het amateurtoneel. Veel dorpelingen waagden zich als acteur op de planken om een rol te spelen. Er kwamen regisseurs met een professionele achtergrond. Het spel van de dorpsgenoten op het toneel werd zeer gewaardeerd. Zo ook door een waarnemer van het Landelijk Comittee van Amateurtoneel. Van haar las ik een recensie van een stuk en het spel van de toneelgroep in een Dorpskrant uit 1978:
...het is misschien wel een aardig verhaaltje, maar met toneel heeft het weinig te maken. Gelukkig viel bij de toneelgroep “Driemond” het accent meer op de manier van spelen dan op de vertolking van het toch wel onbenullige verhaaltje.
Verder is ze lovend over spel en regie. Na een negatieve recensie over een uitvoering die wat zwaarder van stof was dan de gebruikelijke blijspelen, in De Gooi en Eemlander, klimt een lezeres van de Dorpskrant in de pen en complimenteert de spelers met de durf iets moeilijkers te brengen dan de traditionele dijenkletsers. Ze ondertekent haar stukje met: “de echtgenote van een van de spelers.” Nu weten we niet meer wie dat was, toen vast wel.
Maar meestal werden de stukken goed ontvangen en werd er veel gelachen. Door de boot genomen werden er twee, en soms drie stukken per jaar opgevoerd. Wisselend gebeurde dat in het toenmalige Dorpshuis aan de Provinciale Weg, Een enkele keer in het Trefpunt op volkstuincomplex Linnaeus en vaak in het Kerkwijkgebouw. Soms ging het gezelschap de hort op; bv. Naar Sloten-Osdorp (!979) en zo vertelde mij Gerrie de Vries, die lang lid is geweest, dat ze speelde in het Flevohuis in Amsterdam-Oost en dat daar na af loop een dame haar aansprak en zei: “Het was zo goed! Er komt hier altijd een oude meneer kijken en die valt altijd meteen in slaap. Hij is de hele tijd wakker gebleven!” Mooier compliment kon je toch niet krijgen, vond Gerrie.
Zij is nog een van de heel weinigen die over zijn van het roemruchte gezelschap. Een belangrijke rol in spel en organisatie had Jaap Boshuizen, die goed was voor spel en decors en ook zijn vrouw Dinie, verder Jaap Beun, Frank Bezoet de Bie, Corrie Koops en Tjalling van der Schaaf voor geluid en licht. Het waren er meer, maar ik heb me beperkt tot de mensen die ik persoonlijk heb gekend.
Soms, zoals in het Trefpunt, had men meer dan 200 man publiek. Al die jaren heeft de toneelgroep een paar keer per jaar de Driemonders veel plezier gebracht en ook zichzelf op al die oefenavonden en uitvoeringen. Een avondje toneel of theater kan zo prettig zijn. Misschien kan er een nieuwe groep enthousiaste spelers opstaan!

